Wil je meer weten over het stimuleren van executieve functies? Kijk dan eens naar de elf kaarten

Je wilt direct de nieuwste smartphone! Gewoon twee paar schoenen kopen omdat je niet kon kiezen! Iets kopen, niet omdat je het nodig had, maar het was goedkoop en in de aanbieding!

Het is voor jongeren vaak moeilijk om dergelijke (online) verleidingen te weerstaan. En zeker om de financiële consequenties ervan te overzien. Er wordt daarbij ook een beroep gedaan op hun executieve functies. In bovenstaande voorbeelden onder andere op responsinhibitie (nadenken voor je iets doet).

In navolging van Dawson & Guare onderscheiden we elf executieve functies, zoals hiernaast staan. Voor iedere executieve functie is een kaart gemaakt met onder andere:

  • kenmerken van zwak ontwikkelde executieve functies bij jongeren;
  • tips voor het stimuleren van de betreffende executieve functie;
  • het belang van deze executieve functie voor financiële geletterdheid en problemen die zich daarbij kunnen voordoen.

Lesmateriaal nodig bij het bij het stimuleren en versterken van executieve functies van je leerlingen?

Kijk dan ook eens hier.

Responsinhibitie


Nadenken voor je iets doet, rustig reageren.

Doelgericht gedrag


Een doel voor ogen houden en voor langere perioden aan de realisatie werken. Niet afgeleid of afgeschrikt worden door andere behoeften of tegengestelde belangen.

Emotieregulatie


Emoties reguleren als ze in de weg zitten van wat je wilt bereiken. Emoties inzetten als het helpt om doelen te realiseren of taken te voltooien.

Volgehouden aandacht


De aandacht erbij houden. Weten om te gaan met afleiding, vermoeidheid en verveling.

Taakinitiatie


Zonder dralen aan een taak beginnen, op tijd en op een efficiënte wijze.

Flexibiliteit


Plannen herzien bij belemmeringen of tegenslagen, nieuwe informatie gebruiken, fouten herstellen. Het gaat om aanpassing aan veranderende omstandigheden.

Planning/prioritering


Een plan bedenken om een doel te bereiken of een taak te voltooien. Beslissingen nemen over wat meer en minder belangrijk is.

Werkgeheugen


Informatie in het geheugen vasthouden tijdens de uitvoering van complexe taken. Omgaan met de beperkingen van je geheugen.

Organisatie


Dingen ordenen of indelen volgens een bepaald systeem, zorgen dat benodigdheden beschikbaar zijn.

Timemanagement


Inschatten hoeveel tijd je hebt, je werk (en rust) kunnen indelen en omgaan met tijdslimieten en deadlines.

Metacognitie


Een stapje terug doen om jezelf en de situatie te overzien, om te bekijken hoe je een probleem aanpakt; het gaat daarbij om zelfmonitoring en zelfevaluatie.